Ecoprinten

Ecoprinten...een samenwerking met de natuur

EEN IMPRESSIE VAN EEN DAGJE ECOPRINTEN....

 

KEN JE DAT?

Dat gevoel van constante verbazing wat de natuur telkens weer van zichzelf laat zien?
Elk seizoen anders, elk seizoen en altijd volmaakt?
Niets meer aan toe te voegen zou je zeggen, maar waar je voor je gevoel wel iets mee moet?
Een poging om dat wat je ziet te behouden en vast te leggen?

Ik dus wel en daardoor ben ik begonnen met het ecoprinten. Ik zie het als een manier om de natuur langer te laten schitteren dan in de natuur zelf gebeurd.

Door het maken van botanische prints, maak ik gebruik van die natuur. De door mij uitgezochte bladeren en bloemen laten tijdens het proces van ecoprinten hun contouren, afdrukken en kleuren achter op een door mij gekozen ondergrond, bijvoorbeeld papier of stof. Dit gebeurd door middel van stomen of koken. In dit artikel beschrijf ik ecoprinten op stof. 

 

ECOPRINTEN OP STOF

Hoe begin je?
Om te ecoprinten heb je niet al te veel nodig. Met een grote pan om te stomen, wat houten stokken, zwachtels, bindtouw, de ondergrond waarop je wilt printen, mooie bladeren en bloemen en vooral ook heel veel geduld, kom je al een heel eind. Daarnaast is bij sommige stoffen het voorbehandelen van de stof belangrijk om zo de vezel van de stof klaar te krijgen om de natuurlijke verf goed op te nemen. Dit voorbehandelen heet ook wel voorbeitsen. Dit doe ik vooral met de natuurlijke stof aluin.

 

Ik ben met ecoprinten begonnen eind 2018. De trigger was een workshop, gevolgd door veel zoekwerk en lezen op internet waardoor ik me steeds meer ben gaan verdiepen in deze mooie ecologische en oude printtechniek.
De eerste ecoprints zijn ontstaan in een tijd waarin de snelheid van het dagelijks leven een stuk lager lag dan nu. En dat is precies wat zo fijn is aan deze techniek; de tijd die het nodig heeft om tot iets moois te komen, zonder gehaast en waarbij je samenwerkt met de natuur.

Vanmorgen, nog voordat de dag in al haar drukte van zich liet horen, ging ik op zoek naar bladeren en bloemen in het parkje bij mij om de hoek. En soms vind je het nog dichterbij..tussen het onkruid in de berm zie je opeens de felgekleurde gele bloemen van het Boerenwormkruid, prima materiaal voor ecoprinten. Ik probeer alles wat ik nodig heb waar mogelijk lokaal te vinden. De blokjes hout waar ik de mini-ecoprints op lijm voor de Pakjes Kunst automaten, zijn dan ook gemaakt van Utrechts stadshout. Gemaakt van bomen die gekapt moesten worden omdat ze ziek waren. Een 2e leven dus.


Mijn zoektocht van vandaag levert veel moois op.
Grote bladeren van de Kastanjeboom en het blad van de Walnoot, Boerenwormkruid en de lange stengelbloemen van de Wouw. Ik zorg er altijd voor dat er bladeren of bloemen bij zitten waarvan ik zeker weet dat ze mooie afdrukken opleveren. Maar daarnaast zoek ik de bladeren die ik nog niet eerder gebruikt heb, want juist die kunnen zorgen voor de verrassende print aan het eind van de dag!
Bladeren die altijd wel een mooie afdruk geven zijn bladeren van de Tamme Kastanje, Walnoot, Japanse Bottelroos, de Roos, Geranium en de Eik.
Mijn favoriete bloemen zijn het Boerenwormkruid en Fluitenkruid, waarvan ook de bladeren mooie afdrukken geven.
Daarnaast zijn de rijpe bessen van de Vlier, uienschillen, rode kool en bosbessen mooie kleurmakers.

De oogst van vandaag gaat vervolgens in een emmer water met wat ijzersulfaat. Je krijgt hierdoor een betere afgifte van de kleurstoffen van de bladeren. De hoeveelheid die ik gebruik is een beetje op gevoel, ongeveer een kleine theelepel op een emmer water.

Ondertussen heb ik, voordat ik aan mijn wandeling door het park begon, 2 zijden sjaals in een badje van water en aluin gelegd voor een optimale kleuropname van de stof, verhouding 1 eetlepel op 3 liter warm water. Werk je met katoen, dan is het voorbeitsen zeker belangrijk. Katoen is namelijk lastiger te ecoprinten in vergelijking met natuurlijke materialen, zoals zijde of wol. Mijn voorkeur ligt tot nu toe nog bij de Pongézijde. Het is een mooi product, natuurlijk, soepel en prijstechnisch gezien ook interessant. Wilde zijde is schitterend, wat grover en stoerder, maar ook een stuk duurder in aanschaf.

 

En dan begint het ‘echte’ werk.
Ik zorg ervoor dat de zijden sjaal goed uitgewrongen is, maar toch nog voldoende vochtig. De bladeren haal ik uit het badje met ijzersulfaat en laat ze uitlekken. En nu is het tijd om je creativiteit de ruimte te geven! Het eerst pak ik de kastanje bladeren en het blad van de Walnootboom. Deze zijn groot en zo bepaal je makkelijk hoe je het kleinere materiaal eromheen schikt. De bladeren van de Kastanje geven een hele duidelijke en felgroene afdruk op zijden stof.

Om deze kleur nog eens extra te benadrukken maak ik gebruik van houtschilfers van Blauwhout wat ik als een soort confetti om de bladeren heen strooi.
Blauwhout is het kernhout van de Campecheboom uit Midden- en Zuid-Amerika. Het wordt al eeuwenlang gebruikt als kleurstof. De houtschilfers zelf zijn roodbruin van kleur, maar zodra ze in aanraking komen met water geven ze een donkerblauw- paarse kleurstof af.
Je hebt hier ook maar heel weinig van nodig.

 

Eenmaal klaar dan bedek ik het geheel met bakpapier en maak daar een bundel van door het om een houten stok te rollen. Dit afdekken is belangrijk. Doe je het niet dan krijg je dat de afdrukken van de bladeren door alle lagen van de opgerolde stof gaan en dat wil je niet. Bakpapier heeft een  waterafstotend laagje dat dit doordrukken voorkomt. Je kan het papier verschillende keren gebruiken voor het ecoprinten en later, met een beetje geluk, zelfs als cadeaupapier. De prints van de bladeren zie je namelijk ook terug op het bakpapier.

Voor de houten stok heb ik een bezemsteel op maat gezaagd.

Dan zwachtel ik het geheel in. Op het laatst draai ik het vast met bindtouw. Het is belangrijk om alles goed strak op te rollen om zo het contact tussen het blad en de stof zo optimaal mogelijk te krijgen. Pas ook op dat je niet teveel kreukels in de stof komen, deze zie je namelijk terug in je print. Des te beter het contact, des te scherper de afdruk.

 

De laatste stap is de stoompan.
Mijn twee bundels gaan daar voor 3 uur in. Als je geduld hebt, dan kan je het daarna nog een nachtje laten liggen. Ze zeggen dat de print dan nog mooier wordt. Mij is het echter niet gelukt…ik ben gewoon te nieuwsgierig om zo lang te wachten.

Na die drie uur begint het feestje pas goed…het uitpakken van de bundels en daarmee de verrassing van de prints op de stof. Het blad van de Kastanje doet het echt geweldig goed. De nerven zijn heel duidelijk zichtbaar op de zijden stof en de fris groene kleur is om vrolijk van te worden. Het blad van de Walnoot is mooi goudgeel en in combinatie met blauwhout is het vandaag helemaal gelukt.
Ik merk wel dat, hoe voorzichtig ik ook was met de hoeveelheid blauwhout, het op sommige plekken toch iets te donker geworden is.
De grootste verrassing is het Fluitenkruid. Deze vrolijke seizoensbloemen laten duidelijke, haast goud gele afdrukken achter.

 

CARRIER BLANKET

Bij sommige sjaals die ik maak heb ik gebruik gemaakt van een carrier blanket. Dit is een manier om de contouren van de bladeren goed zichtbaar te krijgen op de sjaal. 

Een carrier blanket is letterlijk een soort 'deken' die vooraf gedrenkt is in een oplossing van bijvoorbeeld ijzersulfaat. Deze lap stof leg je vervolgens op de ondergrond met de bladeren en bloemen om het daarna te bundelen tot een strak opgerold geheel.

Deze werkwijze is arbeidsintensiever maar hierdoor krijg je wel duidelijke afdrukken van kwetsbare voorjaarsbloemen en scherpe belijningen van bladeren en grassoorten.

 

SEIZOENSPRODUCTEN
Terwijl ik de sjaals goed uitspoel totdat het spoelwater geen kleur meer heeft , realiseer ik me dat je door seizoensgebonden materialen te gebruiken, je eigenlijk seizoensjaals maakt. Een sjaal met de afdruk van Fluitenkruid is verder in het jaar niet meer te maken. Mooi is dat, ‘OP’ is in dit geval écht ‘OP’, in ieder geval voor dit jaar. De natuur bepaalt zelf het tempo, niet de mens.

Niet alles is altijd opvraagbaar. Een mooie gedachte om de dag mee af te sluiten.